Mensenrechten

De universele rechten van de mens en het kind zijn de sokkel van het vak NCZ. Ze kunnen worden gezien als een universele vertaling van de humanistische waarden. Lees artikel 1 van de universele verklaring van de rechten van de mens en je bent bij de grondstroom van het vrijzinnig humanisme :

Artikel 1 :

“Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.”

Het humanisme als levensbeschouwing, dat het goede leven beoogt en het geluk van de mens, vindt in het morele draagvlak van de mensenrechten een duidelijke verwantschap. Mensen- en kinderrechten bieden evenwel geen lessen in levenskunst, maar zij worden gedragen door een humanistische visie op een rechtvaardige samenleving. Ze vertrekken eveneens van de humanistische bekommernis om de waardigheid van de mens en het idee van wereldburgerschap.

De maatschappelijke bijdrage van de leraar NCZ vind je terug in de opdracht die het mensenrechtenverdrag vooropstelt : het bevorderen van eerbied voor universele rechten en vrijheden, door onderwijs en opvoeding.

human-rights